Terug



Smaakmaker 32 - NVOX



In NVOX, 33e jaargang - mei 2008 - nummer 5 - bladzijde 191 stond in onze rubriek Smaakmakers een artikel over elektrostatica.

Deze uitleg over de druppelaar van Kelvin is afkomstig uit Stevin vwo deel 2, p. 223.

De druppelaar van Kelvin

De standaardsmoes voor een niet gelukte elektrostaticaproef is: 'Het is nu te vochtig in het lokaal.' Daarom is deze vonkenmaker zeer verrassend, omdat met stromend water hoge spanningen gemaakt worden. Het ontwerp is afkomstig van Lord Kelvin.
A, B, C en D zijn blikjes die van onder en boven open zijn; zorg ervoor dat ze geen scherpe randen hebben. C en D zitten met goede isolatoren aan een statief vast. Via geleidende staafjes zijn D en C aan B en A bevestigd. Uit P en Q komen straaltjes water die vlak boven A en B in druppels breken. Die druppels vallen door de zeefjes in C en D. Na enige tijd zie je vonken op de plaats waar de staafjes elkaar kruisen.



De verklaring: stel dat A-D door toeval iets positiever is dan B-C. De druppels die bij P loslaten, worden dan negatief geladen en de druppels bij Q positief. Vlak voor het loslaten vindt immers influentie plaats. Op de zeefjes wordt die lading weer afgegeven; A-D wordt positiever en B-C negatiever. Dit gaat net zolang door tot er een vonk overspringt.

Deze uitleg over de angstige zeepbellen is afkomstig uit Stevin vwo deel 2, p. 204.

De angstige zeepbellen
Stel de bol is negatief geladen. Onder invloed van die lading worden de zeepbellen gepolariseerd: aan de voorkant positief en aan de achterkant negatief geladen; zie de leestekst op de volgende pagina. Als de eerste zeepbel contact maakt met de bol, neemt hij de negatieve lading op en barst uit elkaar. Daarbij sproeit hij zijn lading op alle andere, die dus ook negatief geladen worden, net als de bol. Op dat moment stoppen zij met hun nadering en keren om.